Foto: Loes van Duijvendijk

10 november 2025

“Feministische ontwerpkennis bestaat al lang, maar wordt steeds opnieuw gemarginaliseerd”

Daphne Bakker Leestijd: 4 minuten

Decennialang zijn er feministische alternatieven voor stadsontwerp ontwikkeld, maar zelden meegenomen in beleid. Bij het Nieuwe Instituut werkt architect en onderzoeker Setareh Noorani aan het zichtbaar maken van die vergeten kennis – én aan de vraag wat het betekent om een rechtvaardige stad te maken in een tijd van groeiende ongelijkheid en controlepolitiek.

In het café van het museum voor architectuur, design en digitale cultuur Nieuwe Instituut deelt Setareh Noorani een amandelkoekje en praat over architectuur, zorg en macht. Noorani is architect en onderzoeker bij het instituut, waar ze werkt aan feministische manieren van archiveren en ontwerpen. Ze onderzoekt hoe ruimte en kennis worden gemaakt en verdeeld: wie wordt gehoord, wie krijgt toegang tot een archief en wie mag meebeslissen over hoe een stad wordt ontworpen?

Na een zomer waarin geweld tegen vrouwen opnieuw het publieke debat domineerde, zoekt Noorani naar manieren om anders over veiligheid te denken: niet als controle, maar als zorg. We spreken haar over hoe een feministische en rechtvaardige benadering van stedelijk ontwerp kan bijdragen aan een veilige en leefbare stad, in het bijzonder voor vrouwen en gemarginaliseerde groepen. “De ruimte van de vrouw,” zegt ze, “is eigenlijk alle ruimte.”

“De ruimte van de vrouw is eigenlijk alle ruimte”, wat bedoel je daarmee als we het hebben over veiligheid in de stad?

“Toen ik afgelopen augustus in een panel zat bij de meetup de Ruimte van de Vrouw, realiseerde ik dat de ruimte van de vrouw álle ruimte is: binnen, buiten, in beleid, in hoe we zorgdragen voor elkaar. Dat vraagt om middelen, verbeelding en beleid dat ruimte maakt voor iedereen. In Rotterdam is dat extra complex, omdat veiligheid hier vaak wordt gekoppeld aan controle en de vraag wie ‘Rotterdammer’ is voortdurend wordt gepolitiseerd.”

“Het verdriet van vrouwen wordt gebruikt om anderen buiten te sluiten.”

 

Hoe zie je dat terug in het debat over veiligheid in Rotterdam?

“Ik hoor vaak dezelfde oplossingen: meer politie, bodycams, preventief fouilleren. Tegelijk gebruikt Leefbaar Rotterdam woorden als ‘tuig’ of ‘tienerterreur’ op de Lijnbaan [voor jongens die op koopavond op de Lijnbaan onder andere vrouwen seksueel intimideren met cat calling, red.] Dat is haatzaaiende taal. Het lijkt over bescherming te gaan, maar het sluit mensen uit. En dan zie je dat het verdriet van vrouwen wordt gebruikt om anderen weer buiten te sluiten. Dat vind ik echt pijnlijk. Veiligheid hoort van iedereen te zijn.”

Foto: Loes van Duijvendijk

 

Je zegt dat veiligheid niet alleen gaat over straatverlichting of camera’s, maar ook over de cultuur waarin we leven. Wat bedoel je daarmee?

“We leven in een patriarchale samenleving, met diepgewortelde aannames over de rol van vrouwen thuis én buitenshuis. Ook mannen groeien daarin op, vaak met het idee dat dominantie kracht betekent. De schrijfster bell hooks noemt dat the culture of domination; een cultuur die we allemaal in stand houden. In de jaren negentig kwam gender mainstreaming, beleid dat gelijkheid probeerde te institutionaliseren, maar het maakte emancipatie ook top-down. Daardoor leek het alsof de emancipatie voltooid was, terwijl de machtsstructuren bleven bestaan. Wat we nodig hebben is beleid dat zorg en gelijkwaardigheid als uitgangspunt neemt. Dat is ook wat een feministische, rechtvaardige stad vraagt.”

Meer lezen?

Lees het volledige artikel gratis op Vers Beton.

AIR x Vers Beton

AIR maakt het mogelijk dat Vers Beton jaarlijks tien onafhankelijke artikelen kan publiceren over architectuur en stedelijke ontwikkeling rond verschillende thematieken, met stadsverhalen of concrete aanbevelingen. Deze artikelen zijn gratis te lezen op Vers Beton, ook zonder abonnement.